#lekkertellen 45: Ironie als troostdekentje

Lieve lezers en lezeressen, voordat ik in de boekenbijlages duik (ik waarschuw nu alvast: als u niet tegen het geluid van het G3-alarm kunt, plaats dan vanaf de vierde alinea uw handen over uw oren) sta ik kort stil bij twee #lekkertellen-dieptepunten buiten de kranten en tijdschriften om.

Dieptepunt #1: de Tsjechische EU-commissaris Vera Jourova maakte deze week bekend dat een kwart van de Europeanen vindt dat seks zonder toestemming (lees: verkrachting) geoorloofd is als de vrouw dronken is, provocerend gekleed is, niet heel duidelijk nee zegt of zich niet verzet.

Dieptepunt #2: Radio 2 maakte deze week de complete lijst DJ’s bekend die dit jaar de Top 2000 zullen presenteren. Voor het eerst in 18 jaar wordt het populaire radioprogramma mede door vrouwen gepresenteerd. Hoera? Nou… Evelien de Bruijn en Marisa Heutink zijn de enige twee vrouwen (tegenover 9 mannelijke DJ’s) and guess what, ze hebben de geweldige, levendige, goed beluisterde timeslots toebedeeld gekregen van 00:00 tot 02:00 uur en van 02:00 tot 04:00. Uit solidariteit zal ik mijn best doen mijn ogen op te houden wanneer ik van onder mijn fleecedekentje de middelbare wittemannenmuziek door probeer te komen.

En dan nu, een volledig G3-alarm!

De biografie van Boudewijn Büch is all over de boekenbijlagen en daarmee ook de ‘Reve-tapes’, de opnamen van een interview met Gerard Reve uit 1983 die Büch-biograaf Eva Rovers mocht beluisteren. En wat blijkt: Büch had de racistische opmerkingen van Reve niet verzonnen (goh).

 

lekkertellen 45 - reve rebus
Figuur 1. De ReveRebus

Reve was aanhanger van de negentiende-eeuwse koloniale mythe van het ‘lege land’. Europese kolonisten beweerden dat vóór hun kolonisatie Zuid-Afrika grotendeels onbewoond was en dat er van gestolen land door dus geen sprake kon zijn. Het latere Apartheidsbewind maakte gretig gebruik van deze mythe (Reve: “De legende is dat er blanke overheersers naar Zuid-Afrika kwamen om de bruine en de zwarte mensen te onderdrukken. Dat is helemaal niet waar. De blanken vonden een totaal leeg land!”).Ook onderschreef Reve het standpunt van het Zuid-Afrikaanse Apartheidsbewind dat de zwarte bevolking democratie niet ‘aankon’. Stemrecht aan ze geven zou het einde van de democratie betekenen “Als je die zwarten en kleurlingen laat meestemmen, heb je direct de laatste verkiezingen.”

Ik ben Zuid-Afrika-kenner noch Revoloog, maar mij lijkt het dus evident dat Reve hier ideologische standpunten van het Apartheidsregime overnam. Misschien iets om eens een eerlijk debat over te hebben, als literaire wereld? Ik vrees echter nu al dat het debat (mocht er al een debat van komen…) blijft steken in de vraag of Reve het nu wel of niet ironisch bedoelde. Bert Wagendorp geeft er in zijn Volkskrant-column alvast een creatieve draai aan: ook als Reve in ernst al die dingen beweerd heeft, dan valt het de Nederlandse intelligentsia te prijzen dat ze zijn uitspraken altijd ironisch hebben opgevat, want daarmee zou Reves racisme onschadelijk zijn gemaakt. Racisme ironisch opvatten zou volgens de columnist een veel verstandiger strategie zijn dan die van hedendaagse anti-racisme activisten, die altijd alles ernstig nemen en mensen vervolgens ‘op de strontkar door het land rijden’. Hij stelt voor om ook alles wat Wilders zegt ironisch op te vatten. Ironie als een soort magisch schild tegen racisme: volgens mij zijn we hier eerder in het domein van het wensdenken dan in dat van de concrete analyse.

mm-week-47-meme
Figuur 2. Alanis Morissette en Grumpy Cat leggen het nog één keer uit.

Ten overvloede: een eerlijk debat over ideologische pijnpunten bij een literaire auteur is niet hetzelfde als de strontkar. In de nieuwe biografie van Piet Mondriaan wordt zijn antisemitisme ook onomwonden behandeld – het doet niets af aan de vernieuwing die Mondriaan in de schilderkunst bracht.

Dan, doorrrr naar W.F. Hermans. Criticus Edwin Krijgsman beweert in de Volkskrant over het vierde deel van Elena Ferrante’s Napolitaanse romancyclus dat ze op “Hermansiaanse wijze met het motief van het contrast” speelt. Fijn dat Krijgsman het contrastrijke olijke duo Dorbeck/Osewoudt ongetwijfeld vers in het geheugen heeft, maar helaas valt de manier waarop Ferrante nauwkeurig blootlegt hoe diep seksisme en patriarchale systemen ingrijpen in twee vrouwenlevens in de recensie vrijwel geheel weg.

Maria Vlaar schrijft in De Standaard over de rondleiding die ze van Robbert Ammerlaan kreeg door de werkkamers van Harry Mulisch, in het kader van Zijn eigen land, een tussenboekje van Ammerlaan voor de echte biografie, over vondsten uit de parafernalia uit Mulisch’ nalatenschap. Vlaar zit duidelijk in een spagaat, enerzijds die van de bewondering (of in ieder geval een vorm van eerbied), anderzijds zit ze — als vrouwelijke critica? — in haar maag met des schrijvers aperte vrouwonvriendelijkheid:

Wat ook opvalt in de boekenkast: op het eerste oog geen enkele vrouwelijke schrijver. De rol van de vrouw in Mulisch’ leven is een ander thema dat de biograaf nog wel wat hoofdbrekens zal kosten. De man die in zijn sporadisch bijgehouden dagboeken opschept dat hij met drie vrouwen per dag naar bed gaat (19 mei 1958: ‘Namiddag T. wederom en dadelijk weggewerkt.’) en halverwege de jaren 70 een feest geeft om zijn tweeduizendste verovering te vieren, liet geen vrouwen toe tot de discussies in de ‘herenclub’ waarmee hij eens per week dineerde, en heeft verder ook geen hoge dunk van de intellectuele vermogens van vrouwen.

Het zal mij benieuwen hoe deze kant van Mulisch er in de biografie van af zal komen. Kleine voorspelling: frivole literaire playboy met pijp.

Laat ik eindigen met een hoogtepunt: Mineke Bosch maakt in De Groene Amsterdammer met deskundige voortvarendheid gehakt van Ewald Engelens De mythe van de gemaakte vrouw. Engelen dacht in zijn boekje ‘het’ feminisme kritisch onder de loep te nemen, maar Bosch wijst feilloos op zijn blinde vlekken. Een paar malse brokjes uit de bespreking:

[W]at hij hap-snap over De Beauvoir te berde brengt oppervlakkig is en tegenstrijdig. […] Dat [verwijt van machtsbeluste mantelpakjesfeminisme – LdV] is er zo helemaal naast, en het is een zo ongelooflijk neerbuigend oordeel over al die pogingen om overal de genderverhoudingen te veranderen dat het mij direct deed denken aan de verbeten aanvallen van onze grote socialistische voorman Troelstra op de burgerlijke feministen rond 1900.

Burn, zoals we in de 21e eeuw zeggen.

Ten slotte de cijfers van deze week:

mm-week-47-tabel

 

 

Advertenties